Wat gebeurt er eigenlijk tijdens een energetische healing?

Ik werk al jaren energetisch met mensen. Toch is het niet altijd eenvoudig om uit te leggen wat ik dan precies doe. Niet omdat er geen woorden voor bestaan.
Energie. Aura. Chakra’s. Blokkades. Frequenties. Trillingen. Stroming.
Binnen energetisch werk zijn dat heel gewone woorden. Daarbuiten roepen ze soms meer vragen op dan ze beantwoorden. En zodra het woord kwantumfysica valt, ben ík meestal degene die denkt: vertel verder — terwijl ik vermoed dat een deel van mijn lezers dan net afhaakt.
Dus geen poging om energetische healing wetenschappelijk te bewijzen. Wel een vraag die ik zelf boeiend vind: Wat weten we eigenlijk over het energetische en biofysische karakter van een levend lichaam? En hoe ver staat het onderzoek naar wat binnen de wetenschap het ‘biofield’ wordt genoemd?
Een lichaam is niet alleen chemie
We zijn gewend om over het lichaam te denken in termen van organen, spieren, bloed, hormonen, neurotransmitters en andere chemische processen. Maar een levend lichaam is ook elektrisch.
Iedere levende cel onderhoudt een elektrische spanning over haar celmembraan. Elektrische signalering speelt een rol in onder meer het zenuwstelsel, hartactiviteit en de organisatie en communicatie van cellen en weefsels. Een deel daarvan meet men iedere dag in de reguliere geneeskunde.
Een ECG registreert de elektrische activiteit van het hart. Een EEG registreert elektrische activiteit in de hersenen. Elektrische activiteit genereert ook magnetische velden die met voldoende gevoelige apparatuur gemeten kunnen worden. Daarnaast produceren levende systemen uiterst zwakke lichtemissies, ultraweak photon emissions of biophotonen genoemd. Ook daarnaar wordt onderzoek gedaan.
Dat is geen bewijs voor chakra’s, aura’s of energetische healing. Het betekent wel dat een mens biologisch gezien niet uitsluitend een verzameling chemische reacties is.
Het biofield
In de wetenschappelijke literatuur bestaat daar inmiddels een term voor: biofield. Die term wordt niet gebruikt als wetenschappelijke vertaling van “aura”. Het is een onderzoeksconcept waarmee wetenschappers proberen te kijken naar ruimtelijk verdeelde biofysische velden en processen die door levende systemen worden gegenereerd en waarop levende systemen reageren.
Daaronder vallen bekende fenomenen zoals elektrische en elektromagnetische activiteit. Binnen biofield science wordt daarnaast onderzoek gedaan naar onder andere biophotonen en mogelijke andere vormen van informatieoverdracht en regulatie. Voor een aantal van die verdergaande hypotheses is nog niet aangetoond dat ze daadwerkelijk een fysiologische rol spelen. En daar ligt meteen een grens die nogal eens verloren gaat wanneer wetenschap en energetisch werk bij elkaar worden gebracht.
Dat het lichaam elektromagnetische velden produceert, bewijst niet dat een healer dat elektromagnetische veld manipuleert. Dat biophotonen bestaan, bewijst niet dat een energetische behandeling via biophotonen werkt. Dat kwantumprocessen een rol spelen in de natuur en biologie, betekent niet dat “kwantum” automatisch een verklaring is voor healing.
We weten dat simpelweg niet.
Neil Theise en biofield science
Een van de wetenschappers die over dat onderwerp heeft gepubliceerd is Neil D. Theise, arts en patholoog.
Theise was in 2015 medeauteur van Biofield Science: Current Physics Perspectives. In dat artikel onderzoeken de auteurs mogelijke natuurkundige kaders voor het biofield. Ze bespreken elektromagnetische velden, coherentie, biophotonen en mogelijke quantum- en quantumachtige processen.
Dat artikel wordt binnen energetische kringen soms aangehaald alsof daarmee het bestaan van het energetische veld zoals healers dat beschrijven wetenschappelijk is bewezen. Zo eenvoudig ligt het niet.
De auteurs presenteren mogelijke modellen en hypotheses en schrijven zelf dat er nog grote vragen zijn over de fysieke oorsprong van het biofield. Een aantal van de besproken verklaringsmodellen is expliciet speculatief en vraagt verder experimenteel onderzoek. Het onderzoek is er dus. Het sluitende model niet.
Wat ervaar ik dan wanneer ik energetisch werk?
Dat is een ander verhaal.
Wanneer iemand bij mij op de behandeltafel ligt, ervaar ik het lichaam niet als iets wat voor mij volledig ophoudt aan de huid. Ik neem ook een veld rondom het lichaam waar.
Ik kan daarin verschil ervaren tussen zones. Dichtheid. Beweging. Warmte. Kou. Onrust. Soms voelt een gebied heel compact. Soms lijkt er nauwelijks beweging te zitten. Op andere momenten verandert dat tijdens een behandeling behoorlijk snel.
Wanneer ik zeg dat ik tijdens een healing het energetische veld opentrek, heb ik het over die ervaring.
Ik kan mijn handen verder van het lichaam brengen en toch blijven waarnemen. Ik kan voelen dat iets verandert zonder het lichaam op dat moment aan te raken. Tijdens een behandeling kan het gebied waarin ik werk ruimer gaan aanvoelen.
De persoon op de tafel kan ondertussen zelf warmte, koude, tintelingen, trillingen, ontspanning, emoties, beelden of lichamelijke beweging ervaren. Dat zijn ervaringen.
Ik ga daar niet achteraf een elektromagnetisch, neurologisch of kwantummechanisme op plakken omdat dat wetenschappelijker klinkt. Ik weet niet of wat ik als een energetisch veld ervaar hetzelfde is als wat onderzoekers onder bepaalde definities van een biofield proberen te beschrijven of meten.
Ik weet ook niet via welk mechanisme een energetische behandeling werkt. Ik weet wel wat ik waarneem.
Dat verschil mag blijven bestaan.
Wordt healing zelf onderzocht?
Ja.
In 2025 verscheen een grote review waarin onderzoekers het bestaande klinische onderzoek naar zogenaamde Biofield Therapies in kaart brachten.
Ze vonden 353 interventiestudies bij mensen. Daarvan waren 255 gerandomiseerde gecontroleerde onderzoeken. Onder de onderzochte interventies zaten onder andere Reiki, Therapeutic Touch, Healing Touch, external qigong, spiritual healing en vormen van healing op afstand. De studies onderzochten uiteenlopende populaties en klachten, waaronder pijn en kanker.
Ook de resultaten waren uiteenlopend.
Van de 353 studies rapporteerden er 172 positieve resultaten voor alle onderzochte uitkomsten. 95 rapporteerden gemengde resultaten. 71 vonden geen significante resultaten. Drie rapporteerden negatieve resultaten en bij twaalf was de richting van het resultaat niet vermeld.
Dat klinkt op het eerste gezicht behoorlijk indrukwekkend. Maar ook die cijfers moeten correct gelezen worden.
Een scoping review brengt in kaart welk onderzoek er bestaat. Ze is niet hetzelfde als een systematische review die op basis van kwaliteit en resultaten van studies bepaalt hoe sterk het bewijs voor een specifieke behandeling of aandoening is.
De onderzoekers concluderen zelf dat methodologische problemen en inconsistente rapportering maken dat er nog geen duidelijke conclusies kunnen worden getrokken over de werkzaamheid van biofield therapies voor specifieke aandoeningen.
Er bestaat dus veel meer onderzoek dan de uitspraak “daar is helemaal geen onderzoek naar” doet vermoeden.
Maar “er zijn honderden studies” betekent ook niet “het is bewezen”.
En hoe werkt het dan?
Dat weten we nog niet.
Misschien is dat het minst bevredigende antwoord, maar wel het meest correcte.
Er zijn hypotheses rond elektromagnetische processen. Er wordt gekeken naar bio-elektrische regulatie.
Er is onderzoek naar biophotonen. Er bestaan hypotheses over coherentie en andere vormen van informatieoverdracht binnen levende systemen.
Er zijn ook veel verdergaande theoretische modellen waarin quantumprocessen worden betrokken.
Sommige fenomenen zijn goed aangetoond. Andere bevinden zich nog op het niveau van hypothese. Voor sommige voorgestelde mechanismen ontbreekt voorlopig overtuigend experimenteel bewijs.
Die zaken op één hoop gooien en vervolgens zeggen “zie je wel, energy healing is quantumfysica” doet het onderzoek geen recht. Maar het tegenovergestelde — “we kennen het mechanisme niet, dus er gebeurt niets” — is evenmin een wetenschappelijke conclusie. We kennen het mechanisme niet. Meer zegt die zin niet.
Mijn werk verandert daar niet door
Ik heb energetisch leren werken vanuit de ervaring van het werken zelf. Ik voel wat ik voel wanneer ik mijn handen op of rond een lichaam beweeg. Ik merk dat mijn waarneming verandert tijdens een behandeling. Ik zie wat er bij mensen gebeurt. En ik hoor wat zij ervaren. Daar hoef ik geen biophotonen, elektromagnetische velden of quantummechanica aan vast te hangen om het bestaansrecht te geven.
Tegelijk volg ik het onderzoek graag.
Niet omdat ik hoop dat er op een dag een paper verschijnt waarin staat dat wat ik met mijn handen voel exact dát is wat een bepaald meetinstrument registreert.
Misschien gebeurt dat nooit.
Misschien blijkt een deel van wat we nu “energetisch” noemen uiteindelijk verklaarbaar via processen die we al kennen. Misschien komen er mechanismen bij die we nu nog onvoldoende begrijpen.
En misschien blijken bepaalde verklaringen die vandaag binnen de energetische wereld circuleren gewoon niet te kloppen.
Dat hoort er ook bij.
Tussen bewezen en onzin
Ik hoef wetenschap niet te gebruiken om mijn ervaring groter te maken dan ze is.
En ik hoef mijn ervaring ook niet kleiner te maken omdat de wetenschap er nog geen sluitend model voor heeft.
Tussen ‘bewezen’ en ‘onzin’ ligt een enorm gebied waarin nog volop onderzoek gebeurt.




Opmerkingen